Vandaag is de zomertijd in gegaan. Dit betekent dat we een uurtje ‘korter’ slapen, omdat de klok in het voorjaar een uur vooruit gaat (superhandig ezelsbruggetje!).

Zelf heb ik ontzettend veel moeite met dat ene uurtje ‘minder’. Ik heb nog slaap als m’n wekker ’s ochtends gaat, ik heb later trek om te eten, ik ga in de avond laat naar bed. Kortom: m’n hele biologische klok is in de war. Maar goed, ik kom daar wel overheen. Waar ik me meer zorgen om maak, zijn m’n kinderen. Alles in hun dagritme schuift namelijk een uur naar voren. Etenstijd, bedtijd, de tijd dat ze op moeten staan. Daarnaast lijkt het ook nog eens langer licht te zijn.

Ze krijgen waarschijnlijk een uurtje later pas trek om te eten, ze hebben nog laaaaaang geen slaap als het bedtijd is en worden misschien wel een uurtje later wakker de volgende dag. Maar hoe zorg je er nou voor dat je kinderen hun nieuwe ritme goed oppakken?

Lees verder