Sangita blogt

over de belangrijke zaken in het leven...

Blog: 7 dingen die het moeder zijn niet leuk maken…

Moeder worden, was voor mij een levensdoel. Iets wat ik echt ontzettend graag wou. En ja, ik ben het geworden en ik zal het voorlopig ook blijven. Helaas is het moederschap niet een keuze tussen de ‘lusten’ en de ‘lasten’ daarvan. Je gaat van de ene op de andere dag ‘all in’. Maar moeder zijn, is niet altijd even leuk. De minder leuke dingen mogen ook wel genoemd worden. In deze blog een inkijk in de dingen die ik totaal niet leuk vind aan het moederschap.

1. Weg spontaniteit!

Een doordeweekse dag valt of staat bij mij met een goed verlopen ochtendspits. En nee, dan heb ik het niet over de drukte op de weg, maar de drukte in huis voor je überhaupt met een aantal omwegen op je werkt aankomt. Tegen de tijd dat ik op m’n werk ben, heb ik er al een halve dag op zitten. Zodra de wekker gaat en dat is om 6.00 uur, sta ik meteen naast m’n bed. ‘You snooze, you lose’ gaat in dit geval letterlijk op. Het ‘snooze’ tijdperk is definitief over. ‘Snooze’ je toch, dan moet je inboeten op je ‘me-time’ in de ochtend. Voor de kinderen geldt dan ook een strak regime. Dat houdt in: iedereen gedoucht, gepoetst, gesmeerd, aangekleed en gekapt, ontbeten en het huis ook opgeruimd voor we de deur uitgaan.
Waar je in het kinderloze tijdperk avonden op kantoor kon doorwerken of na het werk nog even de kroeg in kon gaan, is dat met de komst van een baby meteen afgelopen. Alhoewel, afgelopen klinkt wel heel dramatisch. Maar je kunt niet meer zonder af te stemmen met het thuisfront wegblijven. De kinderen moeten namelijk voor een bepaalde tijd van de opvang worden opgepikt, ze moeten op tijd eten, badderen en naar bed. De avondspits noemen we dat maar even voor het gemak. Op een doordeweekse dag draait bij ons alles om een strakke planning, ook al ben je moe, ook al heb je een zwaar weekend achter de rug en zelfs al ben je ziek….alles gaat gewoon door! Het is definitief afgelopen met de spontaniteit. Om eerlijk te zijn, raak je snel gewend aan een gepland en georganiseerd leven. Het is zo lekker voorspelbaar, omdat je aan het begin van de dag precies weet, waar je eindigt. Hoe je eindigt is een tweede.

2. De wasmand

Tegenwoordig hebben we er twee. Eén voor de meisjes en één voor ons. Maar niemand houdt zich aan die structuur. Als er wordt gewassen, zorg ik altijd dat die van de meisjes het eerst leeg is. Maar jeetje, het lijkt wel alsof er nooit een eind aan komt. Als je denkt alles te hebben weggewerkt, loop je de dag erna weer tegen een volle wasmand aan. De wasmachine en droger blijven maar draaien. En ik blijf maar kleren vouwen. Het strijken heb ik overigens opgegeven. Dat doe ik niet meer. En als er iets bij zit dat wel moet worden gestreken, dan spaar ik dat op voor als ‘onze interieurverzorgster’ komt, zoals we dat met een sjiek woord noemen. Ik vraag me soms serieus af hoe mijn moeder dat doet. Als ik de kinderen bij haar ophaal na een dagje oppassen, krijg ik de gebruikte kleding gewassen, droog en gestreken weer terug in de tas. En ze heeft niet eens een droger. Hoe dan?

3. Slapeloze nachten

Zoals ik al eerder heb geschreven, is slapen mijn eerste levensbehoefte. De slapeloze nachten tijdens de eerste paar maanden na de geboorte van mijn kinderen waren dan ook ‘killing’ voor mij. Gelukkig had ik toen nog zwangerschapsverlof, dus kon ik zo af en toe in de middag bijslapen en hoefde ik gedurende de dag niet op topniveau te presteren. Maar m’n jongste dochter sliep, tegen het einde van mijn zwangerschapsverlof, nog steeds niet door. Pas ergens na haar eerste verjaardag (dat was in april, dus dat is sinds kort), konden we weer eens een aantal nachten per week doorslapen. Echter heeft de oudste nu bedacht dat ze een paar keer per nacht bij ons komt kijken of ze er tussenin past. Met als gevolg dat je toch een paar keren per nacht wakker moet worden om haar weer naar der eigen kamer te sturen. Resultaat: nog steeds gebroken nachten.

4. Schuldgevoelens en zorgen

Ik heb ze continu ten opzichte van de kinderen. Schuldgevoelens, omdat ik de kinderen best wel weinig zie met een fulltime baan en al het andere dat ik ernaast doe. Dat ik weer eens een keer heb geschreeuwd tegen de oudste, omdat ze voor schooltijd (tijdens de ochtendspits) niet het tempo erin had zitten dat ik van haar verlangde. Of omdat ze net die ene rok aan wilde naar school, die in de wasmand lag, omdat ik een wasje heb overgeslagen. Zorgen, omdat ik me soms afvraag of ze wel genoeg hebben gegeten of geslapen. Of ze wel tevreden of gelukkig zijn? Het zijn allemaal dingen, die zo eens in de tijd aan je vreten. Ook al doe je het nog zo goed. Je hebt altijd die ‘wat als…’ momenten. Wat als ik op dat moment tot 10 had geteld en niet boos was geworden? Nou, dan had ze nog steeds der zin doorgedreven en was ik alsnog boos geworden…. 😉

5. Het eeuwige gesleep van spullen

Vroeger pakte je je handtas en ging je. Vanaf het moment dat kind nummer 1 haar intrede deed, stond een uitstapje gelijk aan een hele volksverhuizing.
Naarmate je kind groter wordt, hoef je steeds minder mee te nemen, maar wat is het irritant: het gevoel dat je je hele huis moet meenemen als je ergens naartoe gaat. Vooral als je kind nog een hele kleine baby is. Extra kleding, luiers, afgemeten voeding, gevulde thermoskan, flesje, speentje, nog meer kleding, slabbetje en ga zo maar door….alles moet mee en ook weer mee terug. Dat laatste is vooral erg belangrijk. En daar gaat het wel eens mis. Hoe vaak ik niet terug ben gegaan, omdat ik het flesje bij iemand was vergeten of het speentje. Voor kleding of een vergeten slab reed ik niet terug. Maar goed, naarmate ze groter worden, wordt dat dus minder. Ik kijk nu al uit naar de dag dat ik in plaats van al mijn eigen spullen in de babytas te stoppen, eindelijk weer eens gewoon mijn handtas kan meenemen als we de deur uit gaan.

6. Eindeloze kinderkwaaltjes

Kinderziektes, een doorn in het oog van alle ouders. Want met een ziek kind kun je niet veel. Ja, thuisblijven, het laten uitzieken en dan weer over tot de orde van het normale leven. Maar zo makkelijk gaat het niet. Want vervolgens staat de volgende kwaal alweer op je te wachten. En bij uitzieken hoort ook vaak hangerigheid, huilbuien, driftbuien en allemaal andere dingen, waar je he-le-maal niks aan kunt doen als ouder. Waterpokken hebben mijn kinderen (nog) niet gehad, maar de vijfde en de zesde ziekte wel. Onze jongste had met vier maanden het RS-virus opgelopen, een dodelijk virus voor baby’s, dat zich uit in kortademigheid als gevolg van een (onschuldige) verkoudheid. De verkoudheid slaat dus op de longen. Het wordt behandeld met ofwel ziekenhuisopname ofwel een behandeling in het ziekenhuis, waarna je naar huis mag. Wij hadden het tweede. Tot aan haar eerste verjaardag zaten wij bijna elke maand bij de Eerste Hulp, soms 2x per maand, omdat de kortademigheid steeds weer terugkwam. De puffers, die we voor haar hadden gekregen, hielpen slechts voor korte duur, waardoor we steeds weer terug moesten naar het ziekenhuis. Bij welke weers- of atmosfeersverandering en elke verkoudheid zitten we continu in spanning. Hoe zal ze erop reageren? Gelukkig kunnen we er nu goed mee omgaan en blijft ze terugkomen bij de kinderarts voor controle. Ze moet er overheen groeien en zal er waarschijnlijk niks aan overhouden.
Naast de kinderziektes, die een zekere doorlooptijd hebben, heb je ook nog allerlei kwalen als tanden die doorkomen, buikkrampjes en regeldagen. Als het ene tandje eindelijk is doorgekomen, meldt het tweede tandje zich alweer, zodat het hele riedeltje weer van voren af aan begint. Een ziek kind hebben, is geen pretje. Als je zelf dan ook nog kwakkelt, doordat je continu in aanraking komt met allerlei bacillen, is het al helemaal afzien.

7. Poep, poep en nog veel meer poep…

Verschrikkelijk vind ik het: het verschonen van al die poepluiers. Ik kan er niet aan wennen en ik zal er ook nooit aan wennen. De periode van tandjes doorkomen, is nog het meest erge wat poep betreft. Als je niet meteen een seconde nadat ze klaar is, hebt verschoond, zit het gegarandeerd tot aan haar nek. En zie je kind dan maar schoon te krijgen. Kinderen zijn namelijk dol op stil liggen en wachten geduldig tot jij alles kokhalzend hebt schoon gepoetst. De periode dat ik ook heel veel poep heb opgeruimd, is de periode dat de oudste zindelijkheidstraining kreeg. Uit pure luiheid had ik haar tijdens de zindelijkheidstraining een luierbroekje om moeten doen. Maar dat deed ik niet. Ik nam me elke keer voor om haar in de gaten te houden en op gezette tijden naar de toilet te brengen, als we in de weekenden thuis waren. Het moment dat je denkt dat het goed gaat en je even afgeleid bent, had ze weer in haar broek gepoept. Geweldige momenten waren dat, als ik er zo aan terugdenk. Ook als ik denk aan het vooruitzicht dat ik dat waarschijnlijk nog een keer ga meemaken.

Al met al valt het moederschap niet mee. Maar gelukkig went het snel. De lusten van het moederschap zijn dusdanig groot, dat de lasten vaak niet als last worden gezien. Je leert situaties relativeren en je organisatorische capaciteiten worden op scherp gezet. Het is ongelooflijk hoe snel je je aanpast aan de situatie en je op bepaalde momenten op de automatische piloot functioneert. Toch lucht het wel even op om de minder leuke dingen van het moederschap in perspectief te plaatsen. Moeder worden, is namelijk nog steeds het allerbeste wat me ooit is overkomen!

Deel dit bericht!
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  
  •  

1 reactie

  1. Al met al doe je reuze goed hoor, de 3 -r (reinheid, rust en regelmaat) kom ik wel tegen. We verlangen er naar om supermoms te zijn, dus de minder leuke dingen, nemen wij voor lief aan. Geniet ervan

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*

© 2019 Sangita blogt

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑